Protestantse Gemeente

KERKBLAD   ARTIKEL

 Assen

 Protestantse
 
Kerk
 
Nederland

    

 

 

   

  

Wijkgemeenten PGA
Assen-Noord
Opstandingskerk Assen-Noord
De Bron De Bron
De Ontmoeting
Kloosterveen De Ontmoeting
Holt-Esch
Jozefkerk Holt-Esch
Zuiderkerk Zuiderkerk
Vredeveld
Adventskerk Vredeveld
Sionsgemeente
De Schulp Sionsgemeente
Vereniging van
Vrijzinnige Protestanten
Doopsgezinde Kerk Vereniging van
Vrijzinnige
Protestanten
Ouderenpastoraat Ouderen-
pastoraat

  

Kerkbladarchief

poster
'Al onze vestigingen elke zondag open!'

naar website
Kerk in Actie

     
 

naar archief

Publicatiedatum: 21 april 2011
Auteur: Auckjen Ridderbos

Magdalena

Toen ik het schilderij met de titel ‘Magdalena’ voor het eerst zag, was ik direct getroffen door de buitengewoon zachte uitstraling die het heeft. De schilder, Giovanni Dalessi, is met zijn verf en kwasten dusdanig te werk gegaan dat je, al kijkend, de sensatie hebt de huid van de afgebeelde personen te voelen. Of dat je ze voorzichtig zou willen aanraken. 

Wat zien we? 
Twee mensen, een man en een vrouw, dicht bij elkaar. Hun hoofden raken elkaar, haar hand ligt in zijn nek. De ogen van de man zijn geloken, de vrouw kijkt hem aan met grote open ogen. Beiden houden hun mond gesloten: dit is een moment zonder woorden. Tot zover zou het een tamelijk gewone voorstelling kunnen zijn van een man en een vrouw in een intiem ogenblik. Wat het schilderij ongewoon maakt zijn de kale gedoornde takken en de snoeischaar in de hand van de man. 

Magdalena door
Giovanni Dalessi

Wie zien we? 
De schilder heeft geen tekst gemaakt bij zijn schilderij om ons uitleg te geven. Het schilderij is zijn uitleg. Waarvan? Daarin zullen we zelf een weg moeten zoeken. Er zijn een paar aanwijzingen. Allereerst de titel: ‘Magdalena’. ‘Uit Magdala’ betekent dat en dan weten we dat het zou kunnen gaan over de vrouw die in de bijbel Maria Magdalena wordt genoemd, of ook wel Maria uit Magdala (
Joh. 20:18). Dat zij hier staat afgebeeld met Jezus lijkt waarschijnlijk. De snoeischaar doet denken aan de veronderstelling van Maria - als zij hem in de graftuin ontmoet - dat hij de tuinman is. Bij de elkaar kruisende takken met de doornen - deels om zijn hoofd - leggen we een verbinding met de doornenkroon. 

Wat zien we erin? 
Tot nu toe hebben we geprobeerd tamelijk objectief te kijken, gewoon te benoemen wat we zagen. Met behulp van onze kennis van de bijbelverhalen gingen we nog een stapje verder en hebben we ook de personen geduid. De schilder echter wilde ongetwijfeld meer doen dan een illustratie maken bij een bijbelverhaal. Hij laat ons met zijn voorstelling zien hoe het verhaal tot hem gesproken heeft. En nu zijn schilderij af is en aan ons wordt getoond worden wij uitgenodigd om ons daarin te begeven en bij onszelf na te gaan waar wij geraakt worden. 

(Aan)geraakt 
Waardoor je geraakt wordt, dat is heel persoonlijk, maar soms ook verrassend gemeenschappelijk. Ik zal vertellen wat mij trof in de hoop dat u iets daarvan herkent en gestimuleerd wordt om uw eigen weg te gaan met dit schilderij. Het woord ‘aanraken’ is hier trouwens heel betekenisvol, omdat het verhaal vertelt dat Jezus in de graftuin tegen Maria zegt: “Raak me niet aan” (in de NBV: “Houd me niet vast”). Ik vat dat ook op als een aansporing om hem niet vast te leggen en steeds opnieuw naar hem te kijken. 
De wijze waarop Maria hem aanraakt laat een tedere betrokkenheid zien en getuigt van een verbinding tussen haar en hem. Die verbinding wordt ook geaccentueerd door de takken die hun hoofden samen omlijsten. Het is alsof zij beseft dat zij met hem alleen een relatie kan hebben als ze bereid is deel te hebben aan zijn lijden. Het gaat hier niet zomaar om een liefdespaar, zoals moderne exegeten wel veronderstellen. 
Haar blik zegt: “Wat staat me te wachten met jou?”, maar ook: “Wat het ook is, aan jou vertrouw ik me toe.” Hij is naar binnen gekeerd, geconcentreerd. Hij weet dat het veel vraagt als je leven wilt met een grote mensenliefde. De snoeischaar in zijn hand, die vervaarlijk open staat, heeft daarmee te maken. “Iedere rank aan mij die geen vrucht draagt snijdt hij weg, en iedere rank die wel vrucht draagt snoeit hij bij, opdat hij meer vruchten draagt.” Dat zegt hij van zijn Vader, de wijnbouwer (
Joh. 15). Woorden die hard en beangstigend overkomen als we niet vasthouden waar het in dat stuk om draait: “Blijf in mij, dan blijf ik in jullie.” Maria doet dat op deze voorstelling. Terwijl de punten van de snoeischaar angstwekkend dicht bij haar halsslagader komen slaat ze daar geen acht op. Haar ogen zijn alleen op Jezus gericht. Als we ons voorstellen dat de tak wordt afgeknipt, dan komt haar mond vrij en dan kan ze spreken. En dat is ook de opdracht die ze van de opgestane Jezus krijgt: “Ga naar mijn broeders en zusters en zeg tegen hen dat ik opstijg naar mijn Vader, die ook jullie Vader is, naar mijn God, die ook jullie God is” (Joh. 20:17). 

Aan haar wordt toevertrouwd om als eerste uit te spreken waar het allemaal om is gegaan in Jezus’ leven: dat hemel en aarde verbonden zijn en dat God een Vader is, ook voor ons. En als ze gehoor geeft aan die opdracht en als eerste naar de leerlingen gaat, dan begint ze zo: “Ik heb de Heer gezien!” (Joh. 20:18) Voor mij zou dat het onderschrift bij dit schilderij kunnen zijn, want het vangt precies dat moment dat ze met intense aandacht naar hem kijkt en tot zich laat doordringen wie hij is, met alles wat dat inhoudt voor haar leven. 

Ten slotte: tussen hen beiden in en om hen heen zien we een wolkachtige witheid. Zomaar een achtergrond? Ik veronderstel toch liever een verbeelding van de verborgen God, lichtgevend en verhuld in een geheimvolle wolk. En van zijn Aanwezigheid, zijn Inwoning tussen ons mensen.

naar archief

 
     
  

laatste wijzigingen