Publicatiedatum: 6
oktober 2011
Auteur: Tineke
van Twillert
Oecumenisch Leerhuis 15
september
Heilig de grond …
De vaste deelnemers aan
het Oecumenisch Leerhuis hadden nog wat te goed. In het vorig
kerkelijk seizoen kon de avond met Chris Fictoor niet doorgaan. En
zo kwam het dat een honderdtal mensen op 15 september naar de
kerkzaal van De Bron was gekomen om de lezing van Chris Fictoor over
‘Is alle muziek heilig?’ bij te wonen.
Chris Fictoor (1948) is
werkzaam als dean aan de Hanzehogeschool Groningen en was tot voor
kort directeur van het Prins Claus conservatorium. Tot aan zijn
pensioen gaat hij de komende twee jaar de functie vervullen van
ambassadeur van het Prins Claus Conservatorium en van adviseur van
het college van Bestuur.
Een avond met Chris Fictoor belooft een belevenis te
worden. Muziek als heilig ervaren, beleven, heeft met onze
binnenkant te maken. Fictoor zegt het zo: “Als de muziek mij
heiligt, mij in een andere transcendente werkelijkheid brengt, kun
je spreken van heilige muziek. In onze taal spreken we van gewijde
muziek, in het Engels: Sacred Music, in het Frans: Musique Sacré.
Hij vertelt over muziek als vorm van spiritualiteit. De muziek die
wij kennen als kerkmuziek of liturgische muziek is daar een
voorbeeld van. Die muziek kan ons in aanraking brengen met het
Onnoembare, het Onzichtbare. Het kán zo zijn, want daarvoor is het
nodig dat je je hart openstelt.
Mantra
We beginnen eerst maar eens met het zingen van een
mantra. Een mantra is een steeds weer terugkerende gezongen regel.
Juist die herhaling schept de mogelijkheid om ons in die
transcendente wekelijkheid te brengen. We zingen: Heilig de grond op
de plaats waar je staat. Het verbindt ons met het verhaal van Mozes
bij de brandende braambos. ‘Trek je schoenen uit Mozes, want de
plaats waarop je staat is heilige grond.’ Mozes bevindt zich op
heilige grond door zijn ontmoeting met ‘Ik zal er zijn’. Door
het zingen van deze mantra treden we als het ware in de voetsporen
van Mozes. Heilig de grond … ‘Niet alleen het pad draagt je,
maar al wie er voor jou heeft gelopen, voel de aarde, voel hen’,
schreef Kristien Hemmerechts onlangs in Trouw. Die woorden gaf ik
door aan een vriendin, nu onderweg naar Santiago de Compostella.
Dat, wat wij met die woorden doen, hoe de tekst en de daarbij
horende muziek bij ons binnenkomt, maakt het tot heilige woorden,
gewijde muziek.
We zijn vanavond op zoek naar heiligheid.
Naar dat wat ons verbindt met het goddelijke.
Gregoriaans
Een goed voorbeeld van hoe tekst omgevormd wordt in
muziek leren we uit het Gregoriaans. De Latijnse tekst Kyrie
eleison, Christe eleison, Kyrie eleison, werd in de vroege liturgie
gezegd door de priester op een gedragen toon. Het volk imiteerde hem
en zo ontstond er een melodie, de herhaling van die melodie maakte
dat men zich kon openen voor de ontmoeting met het heilige.
Ook het Sanctus, sanctus, sanctus, Dominus Deus Sabaoth … werd
door de priester en het volk samen gezongen en ingevoerd in de
liturgie, rond het jaar 115, door paus Sixtus de Eerste.
Langzamerhand werden de melodieën verfraaid en meerstemmig gezongen
en kregen de liturgische teksten een vaste plek in de mis die soms
deels gezegd en deels gezongen werden. De meerstemmigheid werd
polyfonie genoemd en daarvan kregen we een luisterfragment te horen
van de Hohe Messe van Johann Sebastiaan Bach. Dat ook in veel
eenvoudiger melodieën de heiligheid benadrukt kan worden blijkt wel
uit een deel van: der Deutschen Messe van Franz Schubert: ‘Heilig,
heilig, heilig, heilig ist der Herr …’. Ook in die melodie
kunnen we worden uitgetild boven het alledaagse. Er kan een
transcendentie plaats vinden.
Kracht van de
herhaling
Al luisterende en doende, komen we dichter bij ons
onderwerp. We zingen een bedevaartspsalm en voelen ons opgenomen in
de rij van al die gelovigen die dit lied ooit zongen. De kracht van
de herhaling (mantra), de kracht van de eenvoud van melodie laten
ons ervaren waarin muziek heilig kan zijn. De melodie, het ritme, de
harmonie, de klankkleur,
de dynamiek het zijn allemaal facetten van
de muziek die hun eigen functie binnen het geheel hebben.
‘Laat mij maar zingen ...’ een citaat van Huub Oosterhuis, maakt
duidelijk dat waar je soms niet over spreken kunt, vaak wel over
kunt zingen. Wij zingen tot slot van een inspirerende avond:
‘Heilig de grond op de plaats waar je staat …,
ben je in paniek, heilig de grond …,
in je veiligheid geschokt, heilig de grond …,
Ik hef mijn ogen op naar de bergen, vanwaar komt mijn hulp? Heilig
is de grond …
Dan breek ik open, onverwacht zing ik Jou toe, heilig de grond …
Over mijn wangen lopen tranen, omdat Jij gaat met mij.
Heilig de grond op de plaats waar jij staat’.